- Nieuw Amsterdams Peil - http://napnieuws.nl -

In Jeruzalem krijsen de meeuwen

Posted By Irene de Pous On februari 10, 2010 @ 18:30 In Leven, Reportage | No Comments

Image by: Irene de Pous

Image by: Irene de Pous

De Amsterdamse wijk Jeruzalem krijgt morgen de status Rijksmonument. Wat is er zo bijzonder aan deze wijk?

Amsterdam – In Jeruzalem zeggen voorbijgangers goedendag, vraagt de postbode of hij je kan helpen en schijnt weelderig de zon. De Amsterdamse wijk in Watergraafsmeer met lage witte huizen, zoals in de Israëlische hoofdstad waar de wijk haar naam aan dankt, krijgt morgen van minister Plasterk de status van Rijksmonument. Het is de eerste na-oorlogse wijk van Nederland die toetreedt tot de monumentenlijst. Tegelijkertijd staat het ‘tuindorp’ een grondige renovatie te wachten.

Zodra je van de drukke Hugo de Vrieslaan Jeruzalem insteekt, lijken de auto’s ver weg. De lage huizen – twee verdiepingen, met aan de voorkant een gevel van witte platen – staan in L-vormige blokken om een grasveld met speelplaats. Behalve het grasveld heeft elk huis ook zijn eigen achtertuintje. Eenmaal tussen deze hoven, hoor je enkel nog meeuwen krijsen en duiven koeren.

 

De woningen roepen niet gelijk de associatie op met een monument. Witte blokken, als lego naast en op elkaar gestapeld. Maar deze goedkope en snel gebouwde woningen zijn kenmerkend voor de architectuur en stedenbouw uit de periode van wederopbouw vlak na de oorlog, de reden dat de wijk de monumentenstatus krijgt. De zogenaamde ‘duplex-woningen’, een eengezinswoning die je tijdelijk kan splitsen in een aparte boven en benedenwoning, raakten toen in trek vanwege het woningtekort. De inrichting van het ‘tuindorp’ weerspiegelt de vernieuwende woonidealen van toen: rust, ruimte en groen.

In de Eijkmanstraat zet een oudere man het mandje op de rollator van zijn vrouw. Het zijn bewoners van het eerste uur. Terwijl de vrouw een brief gaat posten, laat de 84-jarige Dick Offerman zijn bovenwoning zien. Groot is het niet, zo’n veertig vierkante meter. Maar Offerman en zijn vrouw wonen er nog steeds met plezier. “Wij kwamen in 1950 hier wonen. Ik werkte als gemeenteambtenaar en zag hoe veel mensen in Amsterdam erbarmelijk woonden. Een keuken en wc in een, dan had je het gasstel en zat daarnaast iemand te poepen.” De huizen in Jeruzalem waren dan ook een luxe vergeleken met de woningen in de stad. Offerman: “In een ruime, groene wijk. Bovenwoningen met een eigen ingang. Nu zijn er weer modernere woningen aan de rand van de stad met cv waar wij niet aan kunnen tippen.”

Offerman haalt een multomap uit zijn kast en laat een brief zien, met de datum 7 december 1983. “Mijn eerste brief aan wethouder Schaefer. Ze lieten de boel hier verpauperen. Ik schreef dat er al krotten genoeg waren in Amsterdam, en dat ik niet wilde dat het gesloopt zou worden.” Het was het begin van de bewonerscommissie, waar Offerman nu al 25 jaar voorzitter van is.

De laatste jaren waren druk voor de commissie. Offerman heeft mappen vol brieven en artikelen. Omdat de duplexwoningen waren gebouwd voor een levensduur van vijfenvijftig jaar, stond sloop op de planning. De bewonerscommissie voerde een strijd om dat te voorkomen. Voor de helft van de wijk is dat gelukt.  391 Huizen met monumentenstatus zullen worden gerenoveerd door woningcorporaties Rochdale en De Key. De andere helft wacht wel de sloop. Hier bouwt Rochdale 455 nieuwe woningen.

Aan de Hugo de Vrieslaan is woningcorporatie De Key al bezig een huis als ‘proef’ te ontmantelen. De witte platen zijn van de gevel gehaald. Drie mannen zijn aan het slopen, vrijwel alleen het skelet staat er nog. Voor de gevel ligt een witte plaat klaar. Die mag minister Plasterk morgen er weer tegenaan timmeren, als symbolische start van de renovatie.

Bianca de Winter (39) komt langs fietsen en blijft kijken bij het kale huis. Ze woont al meer dan tien jaar in Jeruzalem, met een man en twee kinderen in een benedenwoning met twee kamers. Dat Jeruzalem de monumentenstatus krijgt maakt haar niet zoveel uit. Maar een renovatie verwelkomt ze. “Alles zit los en is verrot. Ik hoop alleen dat het niet ineens veel duurder wordt.” Ze betaald nu 190 euro voor haar woning.

Over het fietspad komt een oudere mevrouw met twee boodschappentassen aangewandeld.  Hartstikke leuk, vindt ze het, dat Jeruzalem een Rijksmonument wordt. Zelf woont de zeventigjarige al dertig jaar in het deel van de wijk dat gesloopt gaat worden. “Het was altijd gezellig hier. Met de buren feestjes, koffie en thee, en dan bakte een een taart.” Toch wil de zeventigjarige nu verhuizen. “Ik voel me niet veilig. Je kent elkaar niet meer, dus als er wat gebeurt is er niemand die op je let. Vorig jaar is mijn buurman vermoord.” Maar verder is de wijk niet veel veranderd. “Toch buur?” roept ze naar een vrouw in een scootmobiel die aan komt rijden. “Ze vroeg of de wijk was veranderd,” zegt ze tegen de vrouw. Naast de scootmobiel loopt ze al kletsend verder. Als de twee de hoek om zijn hoor je alleen nog meeuwen krijsen en duiven koeren. En af en toe het geluid van vallend puin.

De wijk als merk

Posted By Carlinde Broeks On februari 4, 2009 @ 14:52 In Achtergrond, Mooi | No Comments

De Vinex-wijk moet het niet van zijn imago hebben. Projectontwikkelaars weten dat je in wijken met een slecht imago minder huizen verkoopt. Sinds een paar jaar worden nieuwe wijken daarom bewuster in de markt gezet.

AMSTERDAM – 4 feb. ‘Wie woont er in een Vinex-wijk?’, vraagt Marlies de Stigter. Niemand in de zaal steekt zijn hand op. ‘En wie zou er willen wonen?’ Weer geen respons. Het bevestigt het beeld van de Vinex-wijk als onaantrekkelijke, betekenisloze plek. Niemand woont in een Vinex-wijk, niemand zou er willen wonen en tóch wonen er duizenden mensen.

Tijdens een lezing in Spui 25 in Amsterdam op 27 januari vertelden Marlies de Stigter, Tineke Lupi en Sabine Meier over de betekenis van wonen en de wijze waarop bewoners hun identiteit aan een wijk ontlenen. Alle drie hebben ze promotieonderzoek gedaan bij het Amsterdam Institute for Metropolitan and International Development Studies van de Universiteit van Amsterdam.

‘Sinds een jaar of vijf wordt vaak al nagedacht over het imago van een nieuwe (Vinex-)wijk, voordat de bouw begint’, zegt Tineke Lupi, die onderzoek deed naar de Amsterdamse Vinex-wijk IJburg. ‘Aan de ene kant om het slechte Vinex-imago te omzeilen. Aan de andere kant zorgt goede marketing misschien dat ‘zwarte’ wijken aantrekkelijker worden voor autochtone Nederlanders.’ Een voorbeeld is het nieuwbouwproject Le Medi in de Rotterdamse wijk Bospolder-Tussendijken. De wijk is door ex-minister Vogelaar aangewezen als krachtwijk. Sabine Meier deed onderzoek naar deze ‘gethematiseerde’ buurt. Met een potje van VROM werd in 2001 begonnen met het ontwerp van Le Medi. Het moest een brug vormen tussen de Arabische en West-Europese bouwstijl en het liefst ook een gemengde groep kopers trekken. Er werden zo’n honderd Mediterrane woningen gebouwd tussen de 189.500 en 287.000 euro.

Het thematiseren van een wijk is een nieuw fenomeen. Het thema komt duidelijk naar voren in de architectuur en in de marketing. Het zit in de kleuren van de buurt, de vorm van de toegangspoort, de afgesloten binnenplaats én het wordt gebruikt in de reclame. De multiculturaliteit, die vaak negatieve associaties oproept, wordt omgevormd tot iets positiefs. Door de aanwezigheid van ‘veel buitenlandse winkeltjes’ te benadrukken probeert de projectontwikkelaar toekomstige kopers een Mediterraan vakantiegevoel te geven. De buurt wordt gepresenteerd met de slogan: “In de bruisende stad komt een oase van rust en veiligheid, een plek waar je het gevoel hebt dat de zon altijd schijnt” .

Meier: ‘Eerst zou de buurt “Medina” gaan heten, maar Le Medi vond men beter, omdat het een Zuid-Europees karakter heeft. Dat zou de autochtone Nederlanders meer aanspreken’. Deze overweging kwam ook terug in het ontwerp van de toegangspoort: ‘Een poort als toegang tot de wijk zie je in veel Arabische bouwstijlen, maar de poort kreeg uiteindelijk niet de beoogde, karakteristieke vorm, omdat het dan te Arabisch zou lijken’.

Het Amsterdamse IJburg is niet gethematiseerd zoals Le Medi. De buurt is gepresenteerd als een plek waar je buiten kunt wonen in de stad, als een soort eiland tussen het water en de vogels, maar dat thema komt niet terug in de architectuur. Toch is er een overeenkomst in het zelfbeeld van de mensen die een huis kochten in IJburg en Le Medi. In beide koppelen bewoners hun identiteit aan hun woonkeuze. Kopers zien zichzelf als mensen met lef, die iets durven kopen op een plek waar anderen dat nog niet durven. Tineke Lupi: ‘Kopers in IJburg en Le Medi zien zichzelf als pioniers en creatievelingen. In Le Medi geldt dat met name voor de autochtone Nederlanders, omdat ze durven te kiezen voor een multiculturele wijk. In IJburg is het omdat mensen kopen in een buurt die aanvankelijk als saai bestempeld werd’. Een interessante bevinding is dat beide groepen bewoners niet vinden dat ze in een Vinex-wijk wonen.


Article printed from Nieuw Amsterdams Peil: http://napnieuws.nl

URL to article: http://napnieuws.nl/2009/02/04/de-wijk-als-merk/

Copyright © 2009 Nieuw Amsterdams Peil. All rights reserved.