- Nieuw Amsterdams Peil - http://napnieuws.nl -

Dittrich: populisten misbruiken homorechten

Posted By Marjolein van de Water On september 17, 2010 @ 17:24 In Interview | No Comments

boris new yorkHomo’s vertonen mensonwaardig gedrag dat moet worden bestraft met de doodstraf. Met een stalen gezicht hoort Boris Dittrich dit soort uitspraken aan. Het is zijn werk. Dat hij zelf al jaren getrouwd is met een man, verzwijgt hij. “Als ik zo’n minister uit Uganda de hand schud, zeg ik niet: ‘Hallo, ik ben Boris en ik ben homo’.”

Boris Dittrich (55) is directeur homorechten van de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW). De voormalig fractieleider van D66 woont tegenwoordig in New York en reist de wereld af om met regeringsleiders te praten over de discriminatie van seksuele minderheden. “Meestal komt pas na afloop het besef en denk ik: Jezus wat een gesprek. Wat afschuwelijk moet het zijn voor homo’s en lesbiennes om in een land te leven waar dit soort mensen de macht hebben.”

Voordat hij bij HRW terecht kwam, werkte Dittrich bijna dertien jaar als Kamerlid. De laatste drie jaar was hij fractievoorzitter. In 2006 was een Kamermeerderheid voor een militaire missie naar Uruzgan. Dittrich was hier fel op tegen en besloot af te treden als fractievoorzitter. Dit om te voorkomen dat het kabinet Balkenende II, waar D66 deel van uitmaakte, zou vallen. Toen het kabinet een half jaar later alsnog viel, stelde hij zich niet meer kandidaat: “Als ik ooit nog iets anders wilde doen, dan was dit het moment.”

Dus solliciteerde hij bij HRW. Een organisatie die hem goed bekend was, alleen al vanwege de vernietigende rapporten over het Nederlandse asielbeleid die zo nu en dan op zijn bureau belandden. “Ik was onder de indruk van de impact die hun werk heeft. En natuurlijk van de Nobelprijs voor de Vrede die de organisatie in 1997 ontving.”

De functie van directeur homorechten werd speciaal voor hem gecreëerd en in mei 2007 kon hij beginnen. Het bevalt hem goed. “Het is een heel levendige organisatie. Veel mensen met verschillende achtergronden en nationaliteiten. Iedereen werkt hier met het doel om de wereld een beetje beter te maken.”

Pleiten voor de doodstraf

In 85 van de lidstaten van de Verenigde Naties is homoseksueel gedrag strafbaar. Aan Dittrich de taak om de regeringsleiders er van te overtuigen hun wetten te veranderen.

Zo ging hij naar Uganda om met de minister van Binnenlandse Zaken te spreken. Ondanks de inspanningen van HRW en andere mensenrechtenorganisaties, is de positie van seksuele minderheden in Afrika er de afgelopen jaren namelijk niet beter op geworden. In meer dan dertig Afrikaanse landen is homoseksueel gedrag strafbaar en in verschillende landen bestaan initiatieven om de straffen te verhogen. In andere landen, zoals Rwanda, is het nog niet strafbaar maar bestaan er plannen om dit te veranderen.

In Uganda pleiten parlementsleden sinds een jaar voor levenslang of de doodstraf voor homoseksueel gedrag. Dittrich sprak de minister aan op de verdragen voor mensenrechten die Uganda heeft ondertekend, waarin staat dat alle mensen gelijk moeten worden behandeld. “Die man keek me aan en zei: ‘ja maar toen wij dat verdrag tekenden, wisten we niet dat het ook voor homo’s zou gelden’.”

Het is niet altijd makkelijk om dit soort gesprekken te voeren. Zeker niet wanneer je, zoals Dittrich, zelf homo bent. Het lukt hem naar eigen zeggen goed om een professionele houding aan te nemen en zich tijdens die gesprekken niet te veel op te winden. “Dat heeft geen enkele zin. Mijn doel is om zo’n man ergens toe te bewegen en dat bereik je niet door te provoceren of met de vuist op tafel te slaan.”

Gay Pride op internet

De door internet veroorzaakte emancipatie van homoseksuelen verklaart volgens Dittrich de groeiende aversie tegen homoseksueel gedrag. In veel Afrikaanse landen leefden homo’s in de veronderstelling dat het normaal was om onderdrukt te worden. Nu kunnen ze de Gay Pride in Amsterdam live volgen. “Die mensen zien de vrijheid die in Nederland bestaat en willen dat ook. Ze worden zich bewuster van hun slechte positie en gaan de straat op om hun rechten op te eisen. Maar die grotere zichtbaarheid roept ook tegenkrachten op. Die komen vooral uit religieuze hoek, want veel mensen in Afrika zijn nu eenmaal heel gelovig. Politici en religieus leiders zeggen dat hun geloof hen verbiedt homoseksueel gedrag te accepteren en roepen op tot straffen.”

In christelijke landen als Kameroen of Jamaica is de haat minstens zo groot als in islamitische landen als Saoedi-Arabië. Daarom organiseerde Dittrich in december 2009 een grote bijeenkomst in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York en nodigde het Vaticaan uit. Tegen alle verwachtingen in liet de paus daar verklaren dat het Vaticaan homoseksueel gedrag in alle landen van de wereld uit het wetboek van strafrecht wil hebben.

Voor Dittrich was dit een grote overwinning. “Het betekent natuurlijk niet dat het Vaticaan homoseksueel gedrag prima vindt. Vanuit hun kerkelijke visie blijven zij het verwerpelijk en zondig vinden. Ze zeggen nu alleen dat het niet door een wereldse regering strafbaar mag worden gesteld.”

In zijn werk kan hij die verklaring goed gebruiken. In Kameroen bijvoorbeeld was een aartsbisschop die in zijn preken mensen opriep homo’s aan te geven bij de politie. “Zo iemand kun je nu in verlegenheid brengen door hem te herinneren aan de verklaring van het Vaticaan.”

In landen als Kameroen voel Dittrich zich constant gediscrimineerd. “Ik spreek daar met homo’s die voortdurend op hun hoede moeten zijn. Die zijn verjaagd door hun ouders of werden ontslagen toen hun werkgever erachter kwam dat ze homo zijn. Mensen die bang zijn om opgepakt te worden. Mensen die vanwege hun geaardheid werden gemarteld of verkracht.” Moedeloos wordt hij er niet van, eerder strijdlustig: “Dan denk ik aan Nederland. Ik weet hoe het anders kan, in welke vrijheid je als homo kunt leven.”

Meer incidenten

Maar juist in Nederland is de afgelopen tijd veel te doen over geweldsincidenten tegen homo’s. De cijfers laten zien dat het aantal voorvallen stijgt. In 2009 zijn volgens het COC in Amsterdam 371 gevallen van homogerelateerd geweld geregistreerd. “Je kunt er niet omheen dat bij een fors aantal van deze gevallen mensen met een Marokkaanse achtergrond betrokken waren”, zegt Dittrich. “Die jongens moeten keihard worden aangepakt.”

Een onderzoek dat vorig jaar door de Universiteit van Amsterdam is gedaan, laat zien dat het geweld door Marokkaanse jongens niks te maken heeft met hun religie. Wel is er een parallel met hun machocultuur en sterke afkeer van vrouwelijk gedrag. Ook roept het idee van anale seks weerzin bij hen op.

Toch wordt op homofora het geweld tegen homo’s regelmatig in verband gebracht met de islam. Bezoekers van bijvoorbeeld gay.nl uiten openlijk hun afkeer van moslims en de aan hen toegerekende homohaat. Dittrich begrijpt die emoties maar keurt ze af. “Je ziet in de reacties van veel homo’s dat ze alle Marokkanen en moslims over één hoop gooien. Wat onzin is, want er zijn ook Marokkaanse homo’s. En hetero Marokkanen die het geweld afkeuren.”

Daarbij betwijfelt Dittrich of het geweld tegen homo’s daadwerkelijk toeneemt. Het lijkt misschien schering en inslag te zijn, maar volgens hem heeft dat alles te maken met het beleid. Een aantal jaren geleden heeft de Amsterdamse politie namelijk besloten een speerpunt te maken van geweld tegen homo’s. Iedereen werd opgeroepen direct aangifte te doen van incidenten. Mensen geven daar steeds meer gehoor aan en politie neemt de meldingen hoog op. Maar ook in de jaren tachtig werden homo’s in elkaar geslagen. “Toen had het weinig zin om aangifte te doen want de politie deed er niks aan. Het was totaal geen nieuws. Nu staan de kranten er vol mee zodra een homo in Amsterdam klappen krijgt. Het geweld is veel zichtbaarder.”

Ook vindt hij het opvallend dat rechtse types als Wilders homorechten omarmen en als anti-islam argument gebruiken. “Datzelfde zie je nu in de VS gebeuren. Enkele conservatieve leiders binnen de republikeinse partij zijn plotseling voor de openstelling van het homohuwelijk. In hun zoektocht naar een zondebok lijken de moslims het nu af te leggen tegen de homo’s. Moslims worden neergezet als een bedreiging voor de rechten van homo’s. Politici zaaien angst om op die manier hun eigen belangen te versterken.”

De beste manier om een dergelijk vijandsbeeld te bestrijden is volgens Dittrich door de partijen om de tafel te zetten. In Afrika praat hij daarom met regeringsleiders. Voor wat betreft Amsterdam kan hij zich vinden in de ideeën van Marcouch: op stadsdeelniveau activiteiten organiseren waar discriminerende jongeren en homo’s elkaar ontmoeten. “Dit soort gesprekken levert op ieder niveau een confrontatie op. Maar pas als we inzien dat we allemaal mensen zijn, kan een acceptatieproces beginnen.”

Student gezocht voor bijbaan? Discriminatie!

Posted By Carien ten Have On september 10, 2010 @ 17:15 In Achtergrond | No Comments

Woorden zoals ‘bijbaan’, ‘student’ of ‘hbo-er’ moeten uit de vacatures van studentenuitzendbureaus. Ze zijn volgens de wet leeftijdsdiscriminerend. Maar uitzendbureaus zijn niet van plan iets te veranderen. “Ze willen ons gewoon dwarszitten door te pietlutten over welke woorden we wel en niet in vacatures mogen gebruiken.” GetAttachment

“Wil jij graag lekker bijverdienen bij een tankstation naast je studie?” of “enthousiaste student gezocht voor een bijbaan als verkoper”. Dagelijks verschijnen op internet en in kranten soortgelijke wervende vacatures voor studenten die op zoek zijn naar een bijbaan. Maar dat mag volgens de wet gelijke behandeling eigenlijk niet.

Daarom stuurde het Expertisecentrum LEEFtijd, in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, vorige week aan 21 Amsterdamse uitzendbureaus een brief met de melding dat een deel van hun vacatures in strijd zijn met de wet. Door specifiek om studenten of jongeren te vragen sluiten uitzendbureaus niet-studenten uit. Ook teksten zoals ‘enthousiaste secretaresse 20-25 jaar gezocht’, of ‘bijbaan voor student als administratief medewerker’ zijn niet toegestaan.

“Studentenuitzendbureaus maken in hun vacatures regelmatig indirect leeftijdsonderscheid: er wordt naar studenten gevraagd, naar schoolverlaters, naar mensen die een bijbaan zoeken om een zakcentje te verdienen”, zegt Miranda van Zijl van het Expertisecentrum LEEFtijd. Gevolg is dat andere potentiële kandidaten niet op dit soort vacatures reageren, omdat ze in de veronderstelling zijn toch niet aan het eisenpakket van het uitzendbureau te kunnen voldoen.

Dit bevestigt ook Jessica Silversmith, directeur van het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam (MDRA). Vorig jaar kreeg het meldpunt bijna duizend klachten over discriminatie. Tien procent van die klachten had te maken met leeftijdsdiscriminatie. “Leeftijdsdiscriminatie bij uitzendbureaus zou helemaal niet erg zijn als er voldoende werkgelegenheid is, of als er een legitieme reden is waarom iemand voor een baan een bepaalde leeftijd moet hebben. Maar dat is meestal niet het geval.”

Advies

De Commissie Gelijke Behandeling (CGB) heeft in oktober van vorig jaar haar advies uitgebracht over doelgroepgerichte uitzendbureaus. Dit zijn bijvoorbeeld studentenuitzendbureaus, maar ook uitzendbureaus voor senioren, ouderen, gehandicapten of allochtonen. In het advies concludeerde de commissie dat het bestaan van dit soort uitzendbureaus op zich geen probleem is. Wel moeten de bureaus in hun vacatures en op hun websites duidelijk aangeven dat ook andere groepen welkom zijn.

Maar het zijn niet alleen de vacatures van studentenuitzendbureaus waar iets op aan te merken is. Volgens de CGB sluiten studentenuitzendbureaus ook met hun naam indirect mensen uit. Uitzendbureaus zoals Studentenwerk, Studentalent, XL studenten uitzendbureau, Susa studenten uitzendbureau of Asa Student moeten eigenlijk ook op hun voordeur of gevel duidelijk maken dat ook andere groepen er welkom zijn. “Slechts een enkeling weet dat ze ook bij studentenuitzendbureaus terecht kunnen als ze geen student zijn”, zegt Silversmith. “Zo wordt de uitsluiting in stand gehouden.

Rogier Thewessen, directeur van uitzendbureau Studentenwerk is al meerdere keren benaderd door het meldpunt discriminatie. “Ze stelden de naam van ons uitzendbureau aan de kaak. Maar hoe moet je je als doelgroepgericht uitzendbureau dan onderscheiden op de markt? Als je een kookwinkel hebt verkoop je toch ook geen boormachines?”

Thewessen is niet de enige die gefrustreerd is. Jochem Eerden van uitzendbureau Work-On kreeg vorige week maar liefst vier brieven van Expertisecentrum LEEFtijd op zijn deurmat. De benaming ‘studentenuitzendbureau’ zou discriminerend zijn omdat het enkel jonge studenten aantrekt. Maar volgens Eerden is dat niet zo. “Mijn moeder is zestig jaar oud en die studeert ook nog.”

Volgens de uitzendbureaus doen ze helemaal niet aan leeftijdsdiscriminatie. Ook oudere, niet-studenten kunnen zich bij hen inschrijven, en als er een geschikte baan voor ze is, zal er voor ze bemiddeld worden. Maar daar ligt niet de nadruk. “Wij specialiseren ons in een bepaalde markt”, zegt Marjan Scheffer van Susa studenten uitzendbureau. “Onze klanten zoeken studenten die flexibel en ingewerkt zijn. Dan kan ik wel iemand anders selecteren, maar die is vaak niet geholpen met zo’n soort baan.”

Branchevereniging voor uitzendbureaus ABU bevestigt dit. “Een uitzendbureau mag mensen weigeren, maar niet op basis van leeftijd”, aldus woordvoerder Remco Icke.

Bovendien, zo stellen de meeste studentenuitzendbureaus, willen niet-studenten vaak helemaal niet geholpen worden door bureaus die speciaal op studenten gericht zijn. De banen die er worden aangeboden zijn vaak maar tijdelijk, en tegen een laag loon. Het gaat bijvoorbeeld om baantjes als het draaien van avonddiensten in de horeca, het uitpakken van dozen in een magazijn of het vervullen van een nachtdienst in een ziekenhuis. “Daarbij gaat het niet om de beste salarissen. Iemand die een gezin moet onderhouden zoekt zo’n baan simpelweg niet. Die gaat wel naar een gewoon uitzendbureau”, aldus Eerden.

Thewessen: “Het is voor ons gewoon niet haalbaar om het hele systeem om te gooien. Studenten zijn ons bestaansrecht. Als we die niet meer mogen aanspreken dan houdt het voor ons op.”

Niet bindend

Toch is de kans dat studentenuitzendbureaus verdwijnen omdat ze hun doelgroep niet meer kunnen aanspreken klein. De invloed die organisaties zoals het Expertisecentrum LEEFTIJD op uitzendbureaus hebben, is namelijk beperkt. “Er zijn geen sancties als uitzendbureaus deze wet overtreden”, zegt Van Zijl. ‘We kunnen dus alleen maar tips geven.” Ook de adviezen van de Commissie Gelijke Behandeling zijn niet bindend.

Neem bijvoorbeeld het verhaal van de dertigjarige Sylvia. Ze solliciteert via een uitzendbureau gericht op studenten naar een parttime baan bij een modewinkel. Daar wordt ze afgewezen omdat ze ‘te weinig ervaring’ heeft, terwijl Sylvia jaren gewerkt heeft in een modewinkel. De werkelijke reden van de afwijzing is haar leeftijd. De klant zoekt volgens het uitzendbureau een student van ongeveer 22 jaar. Sylvia komt als ‘oudere’ student dus niet in aanmerking. Bij het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam [1] vertelt ze haar verhaal, en de organisatie dient namens haar een klacht in. Maar bij het uitzendbureau gebeurt daar in eerste instantie weinig mee. In een reactie stelt het bureau dat oudere studenten niet worden uitgesloten, maar dat de klant voor deze vacature om een specifieke leeftijd vraagt. En daarmee is het verhaal voorlopig afgedaan. Pas na twee maanden wordt de vacature alsnog aangepast.

Complete farce

De organisaties tegen leeftijdsdiscriminatie realiseren zich dat het voor de uitzendbureaus moeilijk is om de wet gelijke behandeling in zijn geheel na te leven. Van Zijl: “Voor studentenuitzendbureaus is het lastig, omdat in hun naam al een specifieke doelgroep staat.” LEEFtijd.

De brieven die het Expertisecentrum LEEFtijd heeft rondgestuurd, zijn volgens Remco Beijer van uitzendbureau Recruit a Student dus ‘een complete farce’. “Er zijn al zoveel regels waar we ons aan moeten houden”, zegt Beijer. “Twee keer per jaar wordt onze administratie gecontroleerd en alle contracten en identiteitsbewijzen moeten op orde zijn. Dat vind ik niet meer dan logisch. Maar nu worden we ook nog lastig gevallen met een compleet oncontroleerbare regel.”

Daar komt nog bij dat de regel niet voor elk uitzendbureau opgaat. Ouderenuitzendbureaus hoeven niet in hun vacatures te vermelden dat ook anderen kunnen reageren. Dat komt omdat ze als doelstelling hebben de participatie van ouderen op de arbeidsmarkt te verbeteren. Ook bureaus die specifiek gericht zijn op gehandicapten of chronisch zieken hoeven geen andere groepen te werven. “Een uitzendbureau met de naam ‘ervaren jaren’ mag wel alleen ouderen werven, omdat ze positief discrimineren”, merkt Jochem Eerden van Work-On op. “Maar wij brengen als studentenuitzendbureau net zo goed meer mensen op de arbeidsmarkt.” Thewessen: “Deze regel gaat veel te ver. Ze willen ons gewoon dwarszitten door te pietlutten over welke woorden we wel en niet in vacatures mogen gebruiken.”

‘Schelden is echt iets van nu’

Posted By Kristel van Teeffelen On februari 10, 2010 @ 18:20 In Algemeen, Interview, Stad | No Comments

Homomonument [2]
Image by QXZ [2] via Flickr

Hoe tolerant is Amsterdam? Jessica Silversmith van het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam vertelt.

Amsterdam – “Amsterdam promoot zichzelf als tolerante wereldstad, maar eigenlijk is dat schijn. We zijn tolerant zolang mensen niet te dichtbij komen,” zegt Jessica Silversmith, directeur van het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam (MDRA). Zij werkt sinds 1996 bij de MDRA. “Ruim zeventien procent van het totaal aantal landelijke klachten komt uit Amsterdam. Dat zijn zo’n 850 klachten per jaar. Meer dan in welke regio dan ook.”

 

Die cijfers zeggen volgens Silversmith echter weinig over de omvang van het probleem in de stad. “Dat wij meer meldingen krijgen, hoeft niet te betekenen dat er hier ook meer gediscrimineerd wordt. Misschien vinden mensen wel sneller de weg naar ons meldpunt dan in andere regio’s. We hebben de afgelopen tijd veel gedaan aan promotie.”

Anti-discriminatieplatform

Vorige week riep wethouder Freek Ossel (PvdA) op tot een anti-discriminatieplatform dat vergelijkbaar moet zijn met het brede platform ‘Help de kernwapens de wereld uit’ in de jaren ’80. Om discriminatie te bestrijden, moeten Amsterdammers gezamenlijk optrekken, vindt Ossel. Silversmith is het niet met hem eens. “Een platform? Dat leidt alleen maar tot een brei van emoties die worden vertaald in leuzen. En daarnaast: hoe wil je mensen binden? Ik vind dat elke instantie en burger een eigen verantwoordelijkheid heeft. Iedereen moet in zijn eigen leefwereld discriminatie aanpakken.”

Volgens Silversmith is het een probleem dat Amsterdammers weinig eigen leefruimte hebben. “De ruimte die je hebt, wil je ook benutten. Dan kan je last van elkaar krijgen en dat kan leiden tot irritaties. Wat weer tot gevolg kan hebben dat je een opmerking maakt die iets over de ander zegt, bijvoorbeeld over zijn huidskleur of geloofsovertuiging.”

Het merendeel van de discriminatie is volgens Silversmith dan ook niet doelbewust. “Er flapt wel eens iets uit.” Bovendien voelt de één zich sneller gediscrimineerd dan de ander. “Als mensen melden dat iemand smerig naar ze kijkt, dan is het moeilijk daar iets mee te doen. Het is een gevoel en weinig concreet.”

Definitie

Toch is de definitie van discriminatie voor Silversmith heel helder: “Het maken van onderscheid tussen mensen op kenmerken die er niet toe doen. Dus kenmerken als geslacht, leeftijd, huidskleur, geaardheid, geloof enzovoorts.” Eén scheldwoord is al genoeg om een melding te maken. Silversmith: “Discriminatie raakt je in het diepst van je zijn. Van de ander mag je schijnbaar niet zijn wie je bent en als dat duidelijk wordt gemaakt met één scheldwoord, dan kan je dat melden. Want alleen als mensen het melden kunnen wij discriminatie zichtbaar maken en er aandacht voor te vragen.”

Een melding die bij de MDRA binnenkomt wordt eerst verder onderzocht. “We vragen naar details en hebben bewijs nodig, zoals een getuige. Door vervolgens te bemiddelen proberen we de problemen op te lossen. We zoeken naar een oplossing die dicht bij de mensen staat en zullen er daarom niet meteen een rechtszaak van maken.” In Amsterdam komen volgens Silversmith de meeste meldingen binnen over discriminatie op basis van afkomst.

Meer dan vroeger

Wordt er in Amsterdam nu meer gediscrimineerd dan vroeger? Dat is volgens Silversmith moeilijk te zeggen, omdat discriminatie niet te meten is. “Er bestaan veel cijfers en onderzoeken, maar wat zeggen die? Als je in een onderzoek aan mensen vraagt of ze wel eens discriminatie ervaren hebben, dan weet je nog niets. Wat betekent dat, discriminatie ervaren? Het is voor iedereen verschillend.”

Silversmith gelooft niet dat zij discriminatie de wereld uit kan helpen. “Het is iets wat altijd al heeft bestaan. Waar mensen samenleven, heb je discriminatie.” Wel zijn de vormen en manieren volgens haar steeds anders. “Iemand uitschelden is echt iets van nu. En het wordt steeds platter. Terwijl men er vroeger misschien voor koos om bijvoorbeeld niet met die persoon om te gaan.”

Reblog this post [with Zemanta] [3]

“Mensen stemmen niet op een veroordeelde racist”

Posted By Marjolein van de Water On januari 27, 2010 @ 18:24 In Algemeen, Interview, Stad | 3 Comments

Rene Danen

Rene Danen

 Rene Danen, voorzitter van Nederland Bekent Kleur is ervan overtuigd dat het proces tegen Geert Wilders noodzakelijk is. Hij twijfelt er niet aan dat Wilders veroordeeld zal worden voor discriminatie.

Amsterdam – “Het interesseert me niet of de PVV dertig zetels krijgt in de Tweede Kamer. Zolang de partij zich niet schuldig maakt aan discriminatie, mogen ze van mij hun werk doen.” Rene Danen is voorzitter van de landelijke anti-racisme organisatie Nederland Bekent Kleur [4] (NBK), en zat van 1998 tot 2003 in de gemeenteraad van Amsterdam namens de partij Amsterdam Anders / De Groenen. NBK is een van de aanklagende partijen in het proces tegen PVV [5] voorman Geert Wilders, dat een week geleden van start ging in de rechtbank van Amsterdam.
                                                                                                                                                                   

Wilders is aangeklaagd wegens het beledigen van moslims en het aanzetten tot discriminatie en haat tegen moslims, niet-westerse allochtonen en Marokkanen. Rene Danen gaat ervan uit dat Wilders schuldig zal worden bevonden. “Jaarlijks worden zo’n tweehonderd mensen aangeklaagd wegens discriminatie. Tachtig tot negentig procent daarvan wordt veroordeeld en gezien de feiten, heb ik geen enkele reden om aan te nemen dat het nu anders zal zijn.”

In eerste instantie wilde het Openbaar Ministerie Wilders niet vervolgen. Danen heeft toen, samen met onder anderen advocaat Gerard Spong, een klacht ingediend bij het gerechtshof. Die bepaalde dat het OM alsnog tot vervolging over moest gaan. Danen heeft in deze zaak echter weinig vertrouwen in het OM. “Het OM weigert een deel van onze aangifte in behandeling te nemen. Ze kijken nu naar twintig uitspraken van Wilders terwijl wij er van nog eens tachtig aangifte hebben gedaan, waaronder de uitspraken over de kopvoddentax. Die liggen nu ergens in een la, er wordt niks mee gedaan.”

Tegenstanders van het proces tegen Wilders beroepen zich op de vrijheid van meningsuiting en zeggen dat de politicus op deze manier onterecht de mond wordt gesnoerd. Maar volgens Danen wordt er in het huidige debat in Nederland met twee maten gemeten. “Als je joden beschimpt wordt het terecht antisemitisme en discriminatie genoemd. Als je moslims beledigt, dan heet het ineens vrijheid van meningsuiting. De term is dan een eufemisme voor racisme geworden.”

Danen vindt dat er in dit opzicht strakke grenzen gehanteerd moeten worden. “Het verbod op discriminatie staat niet voor niks in de grondwet. [6] Het is essentieel om mensen, en dan vooral minderheden, te beschermen. Er zijn genoeg voorbeelden waaruit blijkt wat er kan gebeuren als je haatcampagnes toelaat. Neem het conflict tussen Hutu’s en Tutsi’s in Rwanda. Als je maar lang genoeg volhoudt dat een bepaalde groep als onwenselijk beschouwd moet worden, gaan mensen daarnaar handelen.”

Danen is het niet eens met de opvatting van Wilders en zijn aanhangers dat moslims en hun denkbeelden te veel invloed zouden krijgen in het land. “Dat is nergens op gebaseerd, hooguit op angst. Natuurlijk zijn er moslims met rare ideeën, net zoals er op de Veluwe allerlei radicale christenen rondlopen. Die mensen heb je overal en die moet je aanpakken. Van een overname door moslims is echter absoluut geen sprake. De grote bedrijven zijn allemaal in handen van een blanke mannelijke elite en slechts een van de vierhonderd burgemeesters is moslim. Er is geen moslimpartij in het parlement met negen zetels die roept dat homo’s moeten worden aangepakt. We hebben wel een zelf verklaarde joods christelijke partij die dagelijks moslims aanvalt.”

Het is niet voor het eerst dat een politicus terecht staat voor discriminatie. In de jaren negentig werd Hans Janmaat van de Centrum Democraten veroordeeld vanwege uitspraken als ‘vol is vol’ en ‘eigen volk eerst’. De politieke partij SGP werd in 2007 voor discriminatie veroordeeld omdat zij weigeren vrouwen verkiesbaar te stellen. “In beide gevallen stond een groot deel van Nederland achter deze veroordelingen”, aldus Danen.

De reden dat het proces tegen Wilders nu wel op veel weerstand stuit, heeft volgens Danen te maken met het feit dat men bang is om tegen de PVV’er in te gaan. “Politieke partijen houden zich angstvallig stil, ze zijn bang kiezers te verliezen. Alleen D66 vormt hierop een uitzondering en opvallend genoeg is het juist deze partij die stijgt in de peilingen. Ook de vakbond FNV is bang leden te verliezen als ze zich tegen Wilders keren en weigeren zich openlijk tegen hem uit te spreken. En dat terwijl ze in 1992 mede organisator waren van de eerste Nederland Bekent Kleur actie.”

Volgens Danen is deze rechtszaak nodig omdat het blijkbaar niet mogelijk is om Wilders op een andere manier te doen stoppen met discrimineren. En in tegenstelling tot wat veel mensen beweren, is hij ervan overtuigd dat de rechtszaak Wilders in populariteit zal doen dalen. “Je zag het bij het Vlaams Blok in België en bij Le Pen in Frankrijk. Na een veroordeling is er hooguit even een hype maar daarna zakt het snel in. Janmaat verdween na zijn veroordeling in 1996 helemaal uit de Kamer. Als Wilders straks veroordeeld is, zal hij zeker minder zetels krijgen omdat veel mensen nu eenmaal niet willen stemmen op een veroordeelde racist.”

Straub: subsidie en vergunning intrekken bij discriminatie

Posted By Camil Driessen On januari 16, 2009 @ 15:06 In Interview, Leven | 2 Comments

Jerry Straub, woordvoerder Integratie en Diversiteit van de PvdA, wil geen subsidie meer toekennen aan organisaties die discrimineren.

AMSTERDAM – 16 jan.  PvdA-woordvoerder Jerry Straub (48) wil geen subsidies of vergunningen meer toekennen aan instanties en personen die discrimineren. Organisaties en bedrijven waarmee de gemeente samenwerkt, moeten over een diversiteitsbeleid beschikken. Een taxichauffeur die discriminerende opmerkingen maakt: vergunning afpakken. Een filmtheater dat geen diverse organisatie heeft: subsidie intrekken.

Waarom wilt u de subsidieverstrekking afhankelijk maken van het diversiteitsbeleid van een organisatie?
‘Vorig jaar verscheen in opdracht van de gemeente het rapport van de Universiteit van Amsterdam Als ze maar van me afblijven over het geweld tegen homo’s in Amsterdam. Er komt in het rapport naar voren dat een aantal instanties, waaronder scholen, niet wilde meewerken aan het onderzoek. Dat is verbijsterend.
“Hallo”, denk ik dan, “er is een probleem en je geeft niet thuis. We proberen dit probleem op te lossen en jij zegt dat je het probleem ook heel erg vindt, maar je doet er niks aan.”
Daar moet een sanctie op. Namelijk dat als je niet meewerkt, je geen subsidie meer ontvangt. Als de gemeente een samenwerking aangaat met een instantie, moeten we een paragraaf opnemen in het contract waarin we de organisatie verplichten actief beleid te voeren tegen discriminatie en er een diversiteitsbeleid op na te houden.’

Wat moet er in zo’n diversiteitsbeleid staan?
‘Je moet het zien als contract compliance. Dit houdt in dat bedrijven aan sociale voorwaarden moeten voldoen om een opdracht, subsidie of vergunning van de gemeente te kunnen krijgen.
Jij wilt mijn Noord-Zuidlijn bouwen. Prima, maar heb jij wel voldoende diversiteit binnen je bedrijf?’

Dus u wilt instanties geen subsidie en bedrijven geen opdrachten meer geven als ze niet divers zijn?
‘Precies, dat bedoel ik met contract compliance. Ik vind het jammer dat we het zo moeten doen. We hadden gedacht dat het zich vanzelf zou oplossen, maar dat is niet zo. Dus dan moet je instrumenten inzetten waarmee je het wel voor elkaar krijgt. Dat vereist moed.’

En hier is uw partij het mee eens?
‘Ik ben blij met de resolutie van PvdA-voorzitter Liliane Ploumen. Het is een opsteker voor iedereen om vanuit gelijkwaardigheid te werken aan participatie, diversiteit en emancipatie.
Ik geloof in diversiteit en discriminatiebestrijding. Diversiteit moet je zien als kapitaal. Stel, je hebt een broodjeszaak in Zuidoost en verkoopt alleen broodjes kaas. Dan kun je daar redelijk van leven. Als je naast die broodjes kaas ook broodjes bakkeljauw en zoutvlees zou verkopen, krijg je meer omzet. Maar dan moet je wel iemand in de keuken hebben die dat kan maken.
Hetzelfde geldt voor het bereiken van gemarginaliseerde groepen in de samenleving. Als je het hebt over het feit dat zoveel Marokkaanse jongens niet worden bereikt, dan heeft dat te maken met gebrekkige diversiteit in organisaties en bedrijven. Er moeten mensen van dezelfde cultuur werken die die jongens wel kunnen bereiken.
Kijk naar de politie. Die heeft diversiteit binnen haar organisatie nodig om haar dienstverlening te kunnen legitimeren. De politie is dan wel geen winstgerichte organisatie, maar onder meer de aangiftebereidheid kan worden vergroot door de personeelsbestanden diverser te laten zijn.’

Ontstaat niet het gevaar dat organisaties en bedrijven allochtonen gaan voortrekken?
‘Kijk, we hebben het over achterstandsbestrijding. Je ziet dat de werkloosheid onder sommige bevolkingsgroepen vele malen hoger is dan onder Nederlanders. Dat is al heel lang zo. Als je uitlegt dat er maatregelen nodig zijn om die achterstandsgroepen te laten participeren wordt dat al snel gezien als bevoordeling. Idioot, als je daar over nadenkt. Want daarmee zeg je eigenlijk “laat maar lekker zitten, we gaan helemaal niet aan achterstandsbestrijding doen.” Die gedachte, die opvatting, blokkeert vooruitgang. Dat kan niet.’

 


Article printed from Nieuw Amsterdams Peil: http://napnieuws.nl

URL to article: http://napnieuws.nl/2009/01/16/straub-subsidie-en-vergunning-intrekken-bij-discriminatie/

URLs in this post:

[1] Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam: http://www.mdra.nl/

[2] Image: http://www.flickr.com/photos/36330825983@N01/388584204

[3] Image: http://reblog.zemanta.com/zemified/2102a134-cf55-4456-87a3-ebb149424b31/

[4] Nederland Bekent Kleur: http://www.nederlandbekentkleur.nl/

[5] PVV: http://www.pvv.nl/

[6] grondwet.: http://wetten.overheid.nl/BWBR0001840/geldigheidsdatum_16-01-2010

Copyright © 2009 Nieuw Amsterdams Peil. All rights reserved.