- Nieuw Amsterdams Peil - http://napnieuws.nl -
Interreligieuze samenwerking in Amsterdam West
Posted By Jojanneke Spoor On januari 27, 2010 @ 18:26 In Mooi, Nieuwsverhaal | No Comments
Image by: Daniel Krikke
Amsterdam- Vertegenwoordigers van religieuze gemeenschappen uit De Baarsjes, Westerpark, Oud-West en Bos en Lommer hebben gisteravond afgesproken om na de fusie in het nieuwe stadsdeel Amsterdam West samen te werken aan sociale cohesie en solidariteit. Tijdens de conferentie “Interreligieuze samenwerking in Amsterdam West” werden plannen gemaakt voor intensievere samenwerking tussen lokale overheden en religieuze organisaties.
De conferentie werd georganiseerd door het Bos en Lommer interreligieus Beraad (BLiB) in samenwerking met het stadsdeel Bos en Lommer. Stadsdeelvoorzitter Jeroen Broeders (PvdA) opende de bijeenkomst met de woorden: “Godshuizen zijn onze grootste buurthuizen, daarmee zijn ze -van welke signature ook- heel belangrijke partners voor het uitvoeren van sociaal beleid.”
Vanaf 1 mei 2010 zullen de vier westelijke stadsdelen -binnen de ring A10- verenigd worden in het nieuwe stadsdeel Amsterdam West. Het BLiB en stadsdeel Bos en Lommer hebben het initiatief genomen om te onderzoeken hoe samenwerking tussen verschillende religies in het nieuwe stadsdeel vorm kan krijgen. De ruim 70 deelnemers aan de conferentie hebben besproken hoe ze in de toekomst een bijdrage kunnen leveren aan de sociale cohesie en het welzijn van de buurtbewoners.
Een kerngroep van vertegenwoordigers van moskeeën, kerken, synagogen, religieuze en humanistische organisaties gaat nu een plan maken om de visie en de ideeën die op de conferentie zijn besproken, concreet te maken. De deelnemers van de conferentie willen zich bijvoorbeeld meer op jongeren richten. Er moet een website komen en twee á drie keer per jaar overleg met het stadsdeel.
De stadsdeelvoorzitter van Bos en Lommer is fervent voorstander van samenwerking tussen lokale overheden en religieuze gemeenschappen.“De scheiding tussen kerk en staat -zoals die in Nederland terecht bestaat- moet ontspannen geïnterpreteerd worden. Die scheiding ligt wat mij betreft niet bij de voordeur van het kerkgebouw, maar bij de drempel van de gebedsruimte.” Dat betekent geen subsidie voor een kerkdienst, maar wel voor een bijeenkomst over emancipatie.
Hans Krikke, diaconaal medewerker van de protestante Diaconie Bos en Lommer, zegt dat de religieuze gemeenschappen gezamenlijk op zoek moeten naar manieren om samen te werken. “Wat bindt ons? Welke wijsheid, welke ervaring kunnen we delen en wat leren we van elkaar?”, dat zijn volgens Krikke de vragen die er toe doen.
Het BLiB is een samenwerkingsverband tussen kerken, moskeeën en daarmee verbonden organisaties. Sinds 2005 onderneemt het BLiB vanuit verschillende geloofsovertuigingen activiteiten ter bevordering van het welzijn van de bewoners van Bos en Lommer.
Groeten uit Bos en Lommer
Posted By Paula van Rooij On september 11, 2009 @ 17:05 In Reportage | No Comments
Bewoners van Bos en Lommer mogen meedenken over hun nieuwe stadsdeel: West. Wat neem je mee en wat laat je achter? Houd het vooral concreet is de opdracht. “We willen ons thuisvoelen zegt niet zoveel”
AMSTERDAM - Maarten Voster (“oud-bestuurder in Westerpark”) staat in pak voorin de halfvolle raadszaal van het Amsterdamse stadsdeel Bos en Lommer. Zijn voorhoofd glimt van het zweet. Het is woensdagavond en de bewoners zijn uitgenodigd om de zin ‘Ik word West en ik neem mee…’ af te maken. Deze zin staat op een glimmende ansichtkaart met foto’s en de tekst ‘groeten uit stadsdeel Bos en Lommer!’
“Ik vind het zo erg dat er niemand komt op zo”n avond, terwijl mensen altijd klagen”, verzucht een bewoonster in de zaal. “Ach, mevrouw, dat is bij bijna alle stadsdelen zo”, sombert een jongeman naast haar.
“Er zijn toch wel een stuk of vijftig mensen die vanavond willen meedenken”, jubelt Voster onverstoorbaar. Hij moet als voorzitter de avond in goede banen leiden. “Wie van jullie is hier als bewoner?” vraagt hij. Ongeveer vijftien aanwezigen steken hun vinger op. Voor de rest is de zaal gevuld met politici, ambtenaren en actieve bewoners uit andere stadsdelen die met Bos en Lommer stadsdeel West gaan heten.
Fusie stadsdelen
Op 10 juni heeft de Amsterdamse gemeenteraad besloten dat er zeven stadsdelen komen. Nu zijn dat er nog veertien. Hiermee moet de taakverdeling tussen centrale stad en stadsdelen helder worden. De schaalvergroting zou voor ‘efficiency’ zorgen. Dat moet samengaan met investeringen in ‘buurtgericht werken’ en ‘burgerparticipatie’. Tegenstanders van de fusie vreesden dat de afstand tot de burger te groot zou worden.
Het fusieproces is nu in volle gang. In maart zijn er stadsdeelraadsverkiezingen. Door de halvering van het aantal stadsdelen, komen er minder bestuurders en raadsleden. Nu zijn er 322 deelraadsleden en 49 bestuurders. In de zeven stadsdelen komen 199 raadsleden en hooguit 35 bestuurders terug.
De bijeenkomst in Bos en Lommer maakt deel uit van vier avonden die bewoners warm moeten maken voor dat nieuwe stadsdeel. Vorige week was er al een avond in Oud-West. De komende weken trekt het circus nog langs De Baarsjes en Westerpark. Uiteindelijk presenteren politici de resultaten op 29 oktober op een conferentie in Podium Mozaïek.
De gemeenteraad besloot in juni dat een aantal stadsdelen moet fuseren. In mei, na de gemeenteraadsverkiezingen, moeten de nieuwe stadsdelen er zijn. En daar moet je de mensen warm voor krijgen. Politici en ambtenaren staan in hun goede goed klaar om bewoners te verwelkomen.
Om de bewoners te laten meedenken, praat iedereen straks in deelsessies over dingen die goed gaan in Bos en Lommer (‘bagage’) en zaken die beter moeten (‘ballast’). De bagage neemt raadsvoorzitter Hadda Aktaou aan het eind van de avond mee in een grote koffer: voor de zekerheid hangt er een A4tje boven met de tekst ‘bagage’. De ‘ballast’ kan in een grijze kliko. Om iets met de wensen van bewoners te kunnen doen is het zaak om concreet te zijn. “We willen ons thuisvoelen zegt niet zoveel”, waarschuwt Voster.
Na nog twee sprekers is het woord eindelijk aan de bewoners. Ze nemen plaats aan tafels met plastic stoelen in de publiekshal en mogen praten over dienstverlening en burgerparticipatie. Op een constructie met doeken hangen papiertjes met teksten als ‘politiek is uitleggen wat je hebt besloten’. Bij iedere tafel staat een flip0-over. Een raadslid uit Bos en Lommer is gespreksleider en een griffier vult het velletje met ‘bagage’ en ‘ballast’.
In het groepje dat onder leiding staat van D66′er Gerolf Bouwmeester zijn de meeste mensen erg tevreden over Bos en Lommer. Er moeten vooral veel zaken mee. Ibrahim Ozdemir van Stichting Buurtparticipatie hoopt dat het buurtgevoel van het stadsdeel blijft na de fusie. Ook met de vrouwenemancipatie zit het wel snor, aldus een medewerkster van Vrouw in Ontwikkeling.
Dat is allemaal wel positief, glundert Bouwmeester. “Wat willen we weg?” Ondernemer André Hammersma vindt dat de Kolenkitbuurt weg moet. Het was een verkeerde beslissing om die buurt bij West te voegen, meent hij. “Kunnen we dat niet positiever omschrijven?” schrikt Bouwmeester. Na lang heen en weer praten houden de bewoners het erop dat het buitenbeentjesgevoel van de Kolenkitbuurt in de ballastkliko kan.
Opeens is er rumoer in het subgroepje, dat over bewonersinitiatieven spreekt. Harry Gosen, actief in bewonersplatform Landlust, spijkerjasje en leesbril, heeft geen goed woord over voor de inspraakmogelijkheden in Bos en Lommer. Zijn stem schalt door de ruimte.
Ook onder de mensen van volkstuinverenigingen Nut en Genoegen en Sloterdijkermeer is er veel onvrede. Ze spuwen vijf jaar aan frustratie uit. Een paar jaar geleden heeft het stadsdeel besloten dat zij bij hun tuintjes moeten betalen voor een parkeerplek. Ze vinden dat het stadsdeel nooit naar ze heeft geluisterd. “Ik ben het spuug- en spuugzat”, aldus Louis Dona van Sloterdijkermeer.
GroenLinksraadslid Juke Fluitsma probeert hem te onderbreken. Natuurlijk, ze begrijpt zijn frustratie, maar misschien willen andere bewoners ook wat zeggen. Dona gaat onverstoorbaar verder met zijn verhaal.
“Sorry dat ik u weer onderbreek, maar…”, probeert Fluitsma.
Bruusk staat Dona op. “Zo hoeft het van mij niet!”
Fluitsma pakt zijn arm. “Meneer, doet u dat nou niet”, smeekt ze bijna.
Dona aarzelt en gaat toch maar weer zitten.
“Als ik op een politieke avond kom, vraag ik me af of raadsleden hun stukken zelf wel lezen”, zegt Els Nicolas van de ouderadviesraad Bos en Lommer.
“En het zou wel fijn zijn als de samenvattingen op de site de essentie van de stukken weergeven”, schampert actieve buurtbewoner Gosen. Als hij Nicolas in de rede valt, kapt Fluitsma hem af. Gosen: “Maar dit is essentieel!” Hij springt op om de raadsgriffier erbij te halen. Die komt de situatie sussen.
Voorzitter Voster beent langs alle tafeltjes. Het is bijna negen uur. “Wil iedereen de belangrijkste bagage en meest belastende ballast kiezen? We moeten echt weer door.”
Bij de ene tafel is het moeilijk kiezen tussen de veertien zegeningen van Bos en Lommer. Aan de andere tafel leidt zelfs het samenvoegen van ‘ballast’ tot geruzie. Na een paar compromissen begint de discussie over betaald parkeren bij de volkstuinen opnieuw. “Ik vind het heel vervelend dat u zich zo voelt”, doet Fluitsma een poging om de juiste toon te vinden.
Langzaam stroomt de raadszaal weer vol. “Er waren soms stevige verschillen van inzicht”, meent voorzitter Voster. “Maar er is ook wat uitgekomen”, glundert hij. Tot de ballast behoren de vuile straten, het negatieve imago van het stadsdeel en de bureaucratie. De bagage mag er ook zijn: er is hier een echt buurtgevoel en de lijnen met politici zijn kort.
Het grote moment is daar: raadsvoorzitter Aktaou komt naar voren. Ze neemt de koffer waarin de bagage zit over van de avondvoorzitter. “We doen ons best”, roept ze.
Maar we zijn er nog niet. De bewoners moeten de glimmende ansichtkaart met de tekst ‘Groeten uit stadsdeel Bos en Lommer!’ weer tevoorschijn toveren. Daar mogen ze drie onderwerpen op schrijven, waar het stadsdeel aan moet werken. De bewoners kunnen kiezen uit bijvoorbeeld milieu, kunst of sociale integratie, die alvast opgesomd staan op een flip-over. “Ontbreken er nog onderwerpen op dit lijstje?” vraagt Voster.
“Mijn groepje vond cultuurcentrum Podium Mozaïek erg belangrijk”, roept D66-raadslid Bouwmeester.
“Nou, nou, dat is wel erg concreet”, valt Voster hem in de rede.
Bouwmeester, met stemverheffing: “Wacht even, Maarten. We doen hier bewonersparticipatie. Voor een aantal bewoners was dit een belangrijk punt.”
Uiteindelijk komt Podium Mozaïek niet op de lijst. Kunst en cultureel erfgoed redden het wel. Iedereen doet zijn ansichtkaart met zijn eigen top drie in de daarvoor bestemde postzak.
Groeten uit Bos en Lommer en op weg naar West…
Saïd Bensellam, de grote broer van Bos en Lommer
Posted By Ester van der Geest On februari 13, 2009 @ 17:16 In Interview, Stad | 1 Comment
De Kolenkitbuurt in Bos en Lommer is de slechtste buurt van Nederland. Tenminste als we het lijstje van Vogelaar [2] moeten geloven. Buurtwerker Saïd Bensellam spant zich al vier jaar in voor een betere buurt. Zijn veelgeprezen methode – in 2007 werd hij verkozen tot Amsterdammer van het jaar – staat ‘niet in een boekje’. Wat is zijn geheim?
AMSTERDAM, 13 feb. – ‘Ik slaap ermee en sta er mee op. Met die power en frustratie. Zeven dagen per week, 52 weken per jaar, iedere dag, ieder uur. Bezig, bezig, bezig. Tot ik mijn doel bereik.’ Said Bensellam (37) is een beetje de grote broer van de jongeren uit het Amsterdamse Bos en Lommer. Hij wil laten zien dat het anders kan. Dat als je de goede intenties hebt, je iedereen kunt bereiken. ‘Je moet mensen nooit als een project zien. Dat is niet mijn ding’.
Zeventien jaar lang werkte Bensellam als portier in het nachtleven. Vier jaar geleden nam hij het initiatief tot de stichtingen Karam en Connect. Onder de vlag van Stichting Karam zamelt hij medische spullen in die in Marokko en Suriname een tweede leven krijgen. In de kelder van een enorm anti-kraakpand op de rand van de Kolenkitbuurt in Bos en Lommer ziet het zwart van de rolstoelen. Afgedankte ambulances en busjes staan voor de deur van de stichting klaar voor transport naar Marokko. De begane grond van het voormalige kantoorgebouw is het terrein van Stichting Connect. De buurtvaders van Bos en Lommer hebben er een eigen plek met biljart, computers en tv. De vaders zijn op dit moment druk bezig met het nieuwe project van Bensellam: ‘het moedercentrum’. Hier geen biljart, maar wel spelletjes en een keuken. De jongeren van Bos en Lommer kunnen terecht aan de overkant van de snelweg. Daar hebben zij hun eigen buurthuis.
‘Mobiliseren, Stimuleren, Activeren. Een olievlek veroorzaken Bensellam praat in krachttermen. Mooie woorden, maar abstracte taal voor een man die toch vooral graag zijn handen uit de mouwen steekt. ‘Hoe concreet wil je het hebben? Concreter dan dit gebouw, met zijn mensen en spullen wordt het niet. Dit is wat ik doe.’ Het belangrijkste is volgens hem dat je de gemeenschap en hun problemen van onderaf benadert. Niet op een kantoortje beleid uitzetten of in academische termen het probleem beschrijven, maar met de mensen zelf aan de slag gaan. Niet lullen maar poetsen is zijn devies. ‘Het is eigenlijk doodsimpel, maar het gebeurt te weinig.’
Veel van de buurtvaders zijn inmiddels gepensioneerd. ‘Zij zijn doelloos geworden. De eerste generatie immigranten was idealistisch toen ze hier kwam wonen. Ze hadden een droom. Die is niet uitgekomen. Gedesillusioneerd bleven ze achter.’ Bensellam geeft ze weer een doel. De mannen klussen aan rolstoelen, krijgen bijvoorbeeld taal- en computercursussen. En bouwen nu een eigen ruimte voor hun vrouwen. ‘Als je dan ook nog voor elkaar krijgt dat hun zoons weer naar school, op stage of aan het werk gaan, dan zijn ze trots.’
De straatcultuur overheerst de opvoeding bij jongeren, volgens Bensellam. ‘Ondersteuning vanuit huis, van je ouders, is heel belangrijk, maar die missen ze. Die aandacht krijgen ze wel op straat. Straatcultuur is niets anders dan saamhorigheid. Dat geeft een gevoel van veiligheid. En als macho- of gangstergedrag dan de norm is moet je die de kop indrukken.’ Door de verschillende groepen – vaders, moeders en jongeren – op hun eigen manier te benaderen en ze een doel te geven, beïnvloeden ze vervolgens elkaar weer in positieve zin. Want trotse ouders zijn betrokken ouders en betrokken ouders geven meer positieve aandacht aan hun kinderen. En die kinderen zijn weer minder afhankelijk van de straat. Dat is dus de olievlek van Bensellam.
‘Als je over ze praat moet je ook met ze praten. Dat is wat wij doen. Daarom kennen ze mij in de buurt. Ze weten dat we actief bezig zijn. Dat is het hele eieren eten.’
Kolenkit in de schijnwerpers
Posted By Ester van der Geest On februari 11, 2009 @ 17:14 In Reportage, Stad | 2 Comments
Afgelopen week werd bekend dat de Kolenkitbuurt in het Amsterdamse Bos en Lommer de slechtste wijk van het land is. Het doet vermoeden dat je er het best maar weg kan blijven. Een middagje in de slechtste buurt van Nederland.
AMSTERDAM – 11 feb. Hemelsbreed woon ik op slechts twee kilometer afstand van de slechtste buurt van het land: de Kolenkitbuurt in Amsterdam West. Tram 7 brengt me er in een klein kwartier naartoe. Toch heb ik nooit eerder een stap gezet in de wijk die aanvoerder is van het lang geheim gehouden probleemwijkenlijstje van oud-minister Ella Vogelaar. Bijna negentig procent van de bewoners is er allochtoon, een derde leeft op bijstandsniveau, de helft van de kinderen groeit op in een arm gezin en twintig procent is werkloos. Er is een grote taalachterstand en mensen voelen zich er onveilig. Ik ben benieuwd.
Voorbij de ring A10, aan de Bos en Lommerweg waar de buurtgrens ligt, voelt het kouder dan aan de andere kant van de snelweg. ‘Tja, dat heb je in de slechtste buurt van Nederland. Daar is het koud’, grapt Tarik (30) als ik een theehuis aan de Wiltzanghlaan binnenloop. Vier tafels zijn bezet, Tarik en leeftijdsgenoot Saïd zijn de jongsten vandaag. In hun jeans en nikes onderscheiden zij zich van de thee drinkende, soms in djellaba geklede mannen in het café. Kolenkit de slechtste buurt? ‘Bullshit’, volgens de jonge mannen. Tarik woont al 23 jaar in de wijk, Saïd is er geboren. Beide zijn van Marokkaanse afkomst en behoren tot de zogenoemde tweede generatie. ‘Natuurlijk zijn er problemen, maar het wordt enorm opgeblazen.’ Stoer en met pretogen staan ze me te woord. ‘Jij vraagt mij of ik zou willen verhuizen? Natuurlijk! Een tropisch eiland lijkt me wel wat.’
‘Waren jullie vroeger van die gevreesde hangjongeren?’, vraag ik ze voorzichtig vanachter mijn kop Marokkaanse thee. Ze lachen hard. ‘Laat ik zeggen dat het voor mijn kinderen moeilijker zal zijn te liegen over wat ze uitspoken’, zegt Tarik. ‘Ik ken de trucjes. Mijn ouders hadden echt geen idee.’ Hij denkt dat de jongeren van nu erger zijn dan in zijn tijd. ‘Ze zijn harder geworden, net als de maatschappij waarin zij opgroeien. Geloof me, de volgende generatie gaat nog meer problemen geven.’ Zijn telefoon gaat, hij moet gaan, de kinderen van school halen.
Het is makkelijk verdwalen in de Kolenkitbuurt die ingeklemd ligt tussen het spoor en de ringweg A10. De straten hebben een monotone uitstraling: jaren vijftig bouw, vier hoog met klein balkon, rechttoe rechtaan en schotels aan de muur. Ik versnel soms mijn pas om een buurtbewoner te benaderen. Het taalprobleem in de buurt wordt me snel duidelijk. Met een verontschuldigende glimlach beantwoorden veel bewoners de vragen die ik op ze afvuur. Uit een relaas van een wat oudere Marokkaanse man maak ik op dat hij boos is op de gemeente vanwege een parkeerboete. We delen mijn paraplu, ik knik ja en doe alsof ik het begrijp.
‘Onder de snelweg door, eerste links, tegenover supermarkt Lidl.’ Daar werkt Saïd Bensellam, initiator van Stichting Karam / Connect en Amsterdammer van het jaar in 2006. De stichting zamelt medische spullen in voor Marokko en heeft buurthuizen voor Marokkaanse jongeren, hun vaders en binnenkort ook voor hun moeders. Al drie keer eerder vandaag is zijn naam gevallen.
´Grote broer´ van de buurt Bensellam huist in een immens groot en grijs kantoorgebouw. Wat vertwijfeld sta ik voor een dichte schuifdeur. Een oude knalgele ambulance staat met ronkende motor voor de deur. ‘Die gaat vanavond naar Marokko waar ie zo nog een paar jaar dienst kan doen.’ De motor moet een dagje warm draaien, anders redt ie het misschien niet zover. Ik vraag de man naar Bensallem. Hij maant me binnen te komen, naar de ruimte waar de buurtvaders bijeen zijn voor overleg. Ik krijg een mobiel aan mijn oor. ‘Met Saïd, ik ben er over een uurtje.’ De Buurtvaders gaan naar boven voor het middaggebed, ik blijf alleen achter in de grote kamer met Arabische posters, pool- en tafelvoetbaltafels.
Drie binnengedruppelde jongens op kekke sportschoenen in glimmende jassen waren gisteren nog op tv. Tegen het RTL nieuws zeiden ze het maar onzin te vinden dat de Kolenkit ’s lands slechtste buurt is. Ze liggen er niet wakker van. De twintigjarige ROC studenten zijn bijna klaar met school en bespreken hun toekomstplannen tijdens een potje pool. Een eigen kledingwinkel of de makelaardij- is daar een school voor mevrouw? – zijn favoriet.
Daar is Bensallem. Een sterke man in joggingpak met een doordringende blik. Hij is een beetje de held van de buurt. Maar dat wuift hij weg. Hij is blij met het stempel slechtste buurt van Nederland. ‘We krijgen nu veel aandacht, het zet ons in de schijnwerpers, en dat is goed. Had jij de moeite genomen hier rond te lopen als we op nummer zoveel stonden?’ Ik vraag hem wat hij van de buurt vindt. Ook die ketst hij terug. ‘Het gaat om jouw ervaring. Wat vind jij van de buurt?’ ´Gastvrij, toch wel´, mompel ik.
Article printed from Nieuw Amsterdams Peil: http://napnieuws.nl
URL to article: http://napnieuws.nl/2009/02/11/kolenkit-in-de-schijnwerpers/
URLs in this post:
[1] Image: http://napnieuws.nl/wp-content/uploads/2009/09/stadsdelen-verkeersborden.JPG
[2] lijstje van Vogelaar: http://napnieuws.nl/2009/02/11/kolenkit-in-de-schijnwerpers/
Click here to print.
Copyright © 2009 Nieuw Amsterdams Peil. All rights reserved.