Deze filmrollen zullen vanaf de zomer vrijwel nergens meer worden gebruikt. Foto: Jay Holbin, Anakin Productions via Wikimedia

Deze filmrollen zullen vanaf de zomer vrijwel nergens meer worden gebruikt. Foto: Jay Holbin, Anakin Productions via Wikimedia

Deze zomer komt er voor het overgrote deel van de Nederlandse bioscopen definitief een einde aan het tijdperk van de 35mm-film. Zij zullen dan alle zijn gedigitaliseerd. In Amsterdam zijn de grote bioscopen dit al geruime tijd. Slechts enkele filmhuizen in de stad moeten de stap nog maken. Filmtheater Kriterion maakt hem donderdag. Het werk wordt een stuk efficiënter, maar filmoperateurs hebben nu nog maar weinig te doen. NAP zocht ze op.

Amsterdam, 14 februari – Het monotone geratel van de 35mm-film klinkt in de cabine van Filmtheater Kriterion. 25 beelden per seconde verschijnen op het grote doek in de zaal. Het publiek, dat met zijn rug naar de cabine zit, zal niet beseffen dat ze kijken naar een van de laatste 35mm-voorstellingen van het filmtheater. Naast de oude projector in de cabine staan grote kartonnen dozen. Daarin onderdelen van een computer en een beamer. Vanaf donderdag zullen zij de oude projectoren vervangen.

Kriterion stapt als een van de laatste filmhuizen in Amsterdam over op digitale projectie. Een keuze hebben ze eigenlijk niet. Uiterlijk deze zomer moet ieder filmtheater in Nederland in staat zijn om digitale film te vertonen, willen ze nog nieuwe films kunnen aanbieden. Deze worden vanaf dat moment alleen nog maar digitaal uitgebracht.

De digitalisering kost tussen de 70 en 80 duizend euro per zaal, waarvan een groot deel gaat naar de aanschaf van de dure projectoren. Het was in eerste instantie een bedrag dat niet ieder filmhuis uit eigen kracht kon opbrengen. Toen staatssecretaris Zijlstra (Cultuur, VVD) eind 2010 groen licht gaf voor een overheidsbijdrage van zes miljoen, werd de 38 miljoen die nodig was voor digitalisering van alle Nederlandse bioscopen bereikt. 571 bioscoopzalen zouden nu worden gedigitaliseerd.

Samir Veen en Arnout van der Maas, twee van de operateurs in Kriterion, weten nog niet wat hen vanaf aanstaande donderdag te wachten staat. Als operateur waren zij verantwoordelijk voor de filmprojectie. Ze hebben nog geen opleiding gehad in digitale projectie, maar daarover maken ze zich niet druk. Hun eerdere operateursopleiding binnen Kriterion duurde meerdere maanden, voor de omscholing naar digitale projectie voldoet een introductiecursus. Die krijgen ze donderdag. “Het is niet moeilijk als de computer al het werk doet”, zegt Veen.

Waar in Amsterdam moet de stap nog genomen worden?

Nog vier Amsterdamse filmhuizen zullen voor de zomer overgaan op digitalisering. De Amsterdamse organisatie Cinema Digitaal, die voor een groot aantal van de bioscopen de digitalisering vormgeeft, laat weten dat dit proces voor De Balie (maart) en het nieuwe filminstituut EYE (deze maand nog) gepland staat. De organisatie is hierbij zelf betrokken. Filmtheater De Uitkijk en Melkweg digitaliseren volgens Cinema Digitaal ook in de komende maanden, maar doen dit op eigen initiatief. Filmhuis Cavia zal volgens de organisatie waarschijnlijk niet overgaan op digitalisatie en gebruik blijven maken van 35mm-films.

Van der Maas en Veen hoeven niet te vrezen voor hun baan. Kriterion wordt geleid door een studentenvereniging en de interne structuur hiervan zorgt ervoor dat iedereen binnen de vereniging een takenpakket heeft. Niemand is fulltime operateur. Van der Maas vindt het wel jammer dat de 35mm-film verdwijnt. “Het operateursvak heeft iets magisch. Je hebt een klein beeld van 35 mm, dat vervolgens het grote beeld wordt dat je ziet als je in de bioscoopzaal zit.”

Veen vindt vooral de simpele techniek achter de projectie fascinerend. “Als je naar een projector kijkt, dan snap je hoe het werkt. Sterker nog, je hebt het gevoel dat jij degene bent die de film vertoont, jij trekt de filmstrook tussen de lamp en de lens, de machine zorgt er alleen voor dat de film blijft draaien. Als je straks de computer aanzet om de film te starten, heb je geen idee wat er eigenlijk allemaal gebeurt.”

The Movies op de Haarlemmerdijk is een van de theaters waar de digitalisering al heeft plaatsgevonden. In november vorig jaar was de oudste bioscoop van Amsterdam die nog in gebruik is volledig overgestapt op digitale projectie. Van de zes operateurs die er in dienst waren, werken er nu nog twee. Een van hen is Richard Elenbaas (28). De student was voor de overschakeling zijn gehele werktijd operateur, nu werkt hij het overgrote deel van de tijd achter de bar. Films vertonen neemt sinds november maar een paar uur per week in. “Elke donderdag gaan we het filmprogramma voor de hele week bepalen. Dat zetten we dan in de computer, waarna we het kort testen. Vervolgens heb je er geen werk meer aan, de rest van de week doet de computer alles zelf.”

Elenbaas vindt een 35mm-projectie mooier dan een digitale film. “Je kunt het vergelijken met het verschil tussen een high definition-televisie en een ouderwetse beeldbuis. Digitale projectie is veel scherper, het licht is harder. Ik vind het zachtere 35mm-beeld prettiger om naar te kijken.” De bezoekers merken het verschil amper, volgens Elenbaas. “Ik krijg nauwelijks reactie, 90% van hen heeft waarschijnlijk niet eens door dat er wat veranderd is.” Zelf mist hij de verantwoordelijkheid die hij voorheen had. “Als operateur zorg je ervoor dat alles klopt. Je moet de juiste lens voor de film zetten en regel je de scherpte van de projectie. Maar je let ook op het geluid en de temperatuur in de zaal. Jij wilt dat het publiek van een optimale voorstelling kan genieten.”

Veen en Van der Maas vinden digitalisering noodzakelijk , niet alleen omdat de filmtheaters anders geen nieuwe films meer kunnen vertonen. De werkwijze bij 35mm-films is niet praktisch te noemen. Wanneer deze binnenkomen bij de bioscopen moeten de afzonderlijke filmonderdelen aan elkaar worden geplakt. Voor een film van 90 minuten gaat het om gemiddeld vijf kilometer aan beeldmateriaal.

Het proces kost operateurs veel tijd. Voor elke vertoning moet de film vervolgens in de projector worden ingelegd en tijdens een film moeten zij meerdere keren controleren of de projectie nog klopt. Wordt de film teruggegeven aan de distributeur, dan moeten de operateurs deze ook weer uit elkaar halen en transporteren. “De techniek is sinds 1895 niet veranderd, dat is eigenlijk gewoon bizar”, zegt Veen. Vanaf donderdag komt er simpelweg een harde schijf binnen waarmee de film op een computer kan worden gezet. “Maar het blijft nostalgie. Ook al is die nostalgie onzin als deze zo ontzettend inefficiënt is.”