Taalbeugel_mailbanner

Over taal is niet iedereen het eens. ‘Hun’ in plaats van ‘zij’ is voer voor discussie, en de taalvaardigheid van studenten baart menig professor zorgen.

Amsterdam –  Onderwijsminister Plasterk (PvdA) haalde zich gisteravond de woede van taalkundige Helen de Hoop op de hals. De Hoop vertelde in De Wereld Draait Door over het onderzoek van de Radboud Universiteit Nijmegen waaruit blijkt dat ‘hun’ als onderwerp slim en efficiënt is. “Je drukt er mee uit dat je het over mensen hebt” aldus De Hoop. Ze geeft daarmee een wetenschappelijke verklaring voor het gebruik van ‘hun’, waar eigenlijk ‘zij’ moet staan. “Daar is niks mis mee” zegt ze. Voor mensen die ‘de fout’ zelf vaak maken is dat dus goed nieuws. Maar Plasterk zegt: “’hun zijn’ is gewoon fout.” Volgens De Hoop is het een blamage dat Plasterk grammaticaregels niet los kan zien van taalontwikkeling.

Onder taalkundigen is er al jaren discussie over het gebruik van de Nederlandse taal. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat de taalbeheersing achteruit gaat. Zelfs op universiteiten wordt belabberd Nederlands geschreven en gesproken. Professor Folkert Kuiken, taalkundige aan de Universiteit van Amsterdam (UvA), is dan ook blij met het commentaar van Plasterk. “De minister laat daarmee  zien dat taal zijn aandacht heeft en dat het tijd is het is tijd om het tij te keren” aldus Kuiken. “Er moet meer aandacht komen voor taalonderwijs.”

De verhitte discussie tussen De Hoop en Plasterk werd aangewakkerd door een artikel van neerlandicus Julius Althuisius over het goed en fout gebruik van ‘hun’ en ‘zij’. “We kunnen keihard roepen dat bepaalde dingen niet mogen, of lelijk zijn, maar er is geen gezag in taal. Taal ontwikkelt zich en langzaam maar zeker wordt de rommel uit het systeem gewerkt”, schreef hij afgelopen dinsdag in nrc.next.

Plasterk reageerde gepikeerd. Er is volgens de minister namelijk wél gezag. De spelling en grammaticaregels van de Nederlandse taal worden beheerd door de Nederlandse Taalunie, waarvan Plasterk voorzitter is.

En het zijn die regels, vastgelegd in het Groene Boekje, waaraan onder anderen studenten zich moeten houden. Makkelijk blijkt dat niet te zijn. Verschillende universiteiten maken zich zorgen over de Nederlandse taalprestaties van hun studenten.

De Vrije Universiteit (VU) heeft daarom taalbeleid ontwikkeld om problemen op te sporen en weg te nemen. Studenten die een slordige email schrijven, kunnen deze terugverwachten onder de banner ‘dit kan niet door de taalbeugel’. Onverzorgde werkstukken met taalfouten worden –voorzien van de ‘taalbeugel’ sticker- ongecorrigeerd teruggestuurd. “Kinderachtig? Misschien, maar in een aantal gevallen wel echt nodig” oordeelt Marloes van Beersum, projectleider taalbeleid van het taalcentrum-VU.

Van Beersum legt uit dat ‘de taalbeugel’ is bedoeld voor studenten die wel beter weten, maar bij het schrijven van een e-mail niet nadenken over de juiste aanhef en afsluiting. “Studenten die niet de moeite nemen de spellingcontrole over hun tekst te laten gaan.” Ook Plasterk denkt dat fout taalgebruik vooral te maken heeft met gemakzucht. In een reactie op het stuk van Althuisius schreef hij gisteren in nrcnext: “Mensen die ‘hun’ gebruiken voor de eerste persoon weten ook wel dat ze op school hebben geleerd dat het eigenlijk ‘zij’ is, maar ze negeren dat.”

Naast onwil is er volgens Professor Kuiken ook sprake van onkunde. Als voorzitter van de taalcommissie van de faculteit Geesteswetenschappen aan de UvA heeft hij geadviseerd om eerstejaars studenten bij het vak ‘onderzoeksvaardigheden en academisch schrijven’ een schrijftoets te laten maken. Studenten die ver onder de maat presteren, moeten dan bijles krijgen. De decaan beslist in maart of dit plan wordt doorgevoerd. “Het gebruik van ‘hun ‘ en ‘zijn’ is een symptoon”, aldus Kuiken. “Het gaat erom dat taalvaardigheid achteruit gaat.”

Maar volgens taalkundigen De Hoop en Althuisius hoeven we ons geen zorgen te maken. We moeten niet zo halsstarrig vasthouden aan ‘de regels’. Hun groeten u.